25
Om de genoemde twee klanken in 't Maleisch van elkander te onderscheiden , draagt de breede klank het gebogen toon- of klankteeken : ( ۸ ) accent circonflexe. Er zijn weinig woorden die met de korte E beginnen. De eenigen , die nog al gebezigd worden in het Laag Maleisch , en die men niet ligt in Woordenboeken vindt , zijn : het woord : enek = misselijk ; entjék
=
Chinees ; embok , empó : oudere
zuster.
het woord : emboen = dauw , wordt gewoonlijk oemboen geschreven. het woord : empieng = geroostte rijst , meniendjo of djêngkol , wordt ook wel oemping genoemd. Empoek : zacht ; empol, palmmerg. Empos , blaasbalg. het woord : entjé = heer of jufvrouw , heet ook intjie of intjé.
Van
daar waarschijnlijk entjék voor Chinees. het woord : endieka = mijnheer , is Javaansch. Met de zachte H heeft men : henieng , benieng : helder. hentie , ber-hentie : ophouden.
Ê.
Edan, (Sundaneesch).
Gek.
Edja , waarschijnlijk van 'tArabisch iedjaad : voortbrengen.
Spellen. o. w.
ch !
Hé of Hei !
Ekor. Elmoe.
Kunst. Wetenschap.
Elok , ka-êlok-an.
Schoon. Schoonheid.
Staart.
Empang.
Vijver.
Êmpêr.
Afdak.
Enak.
Lekker. Aangenaam. Achtgeven. Zich om iemand be-
Endah , Meng-êndah-ie.
kreunen.
Endah-endah. Engên = kepêngên.
Entêng. Entjêr. Entjot.
Epot.
Mooi . Fraai.
Verlangen. Ligt. Gemakkelijk.
Dun, (van vloeistoffen). Hinken. Druk . Drukte. 3